Meer weten over ons waterbeleid

Bestuurlijke ontwikkelingen
  • Samenvatting

    Samenvatting voortgangsrapportage Staat van Ons Water 2017
  • Bestuurlijke ontwikkelingen

    De rol van overheden en instanties uitgelegd
    Wie gaat over wat?
  • Waterveiligheid

    Alles rondom waterveiligheid
    Zijn we goed beschermd?
  • Waterkwaliteit

    De kwaliteit van water in onze omgeving
    Hoe zit het met waterkwaliteit?
  • Waterbeschikbaarheid en de waterketen

    Over de beschikbaarheid van water
    Is er voldoende water?
  • Water en leefomgeving

    De invloed van water op de leefomgeving
    Hoe beïnvloed het klimaat en/of water ons landschap?
  • Grote wateren

    Wat gebeurt er rond de Grote Wateren?
  • Water en duurzaamheid

    Afvalwater als bron van energie en grondstoffen
    Hoe duurzaam is de waterketen?
  • Innovatie en internationaal

    Nederland: waterexpert van de wereld
    Wat doen we met onze waterkennis?
  • Financiën

    Je waterrekening toegelicht
    Hoeveel kost dat waterbeheer ons?
  • Bestuurlijke ontwikkelingen

    Het Nederlandse waterbeleid en -beheer wordt uitgevoerd door verschillende overheden (Rijk, waterschappen, provincies en gemeenten) en de (drink)waterbedrijven. Zij werken intensief met elkaar samen om ons laaggelegen land te beschermen tegen overstromingen en om ervoor te zorgen dat er altijd -voldoende schoon (drink)water beschikbaar is. Recentelijk is er bij het formuleren van beleidsdoelstellingen meer aandacht voor ruimtelijke adaptatie en voor water en duurzaamheid.


  • Regeerakkoord

    Het kabinet-Rutte III presenteerde op 10 oktober 2017 het regeerakkoord ‘Vertrouwen in de toekomst’. Het regeerakkoord geeft richting aan het kabinetsbeleid voor de periode 2017-2021. In het regeerakkoord wordt het onderwerp ‘water’ bij de volgende thema’s genoemd:

    • Als één van de drie maatschappelijke thema’s van het topsectorenbeleid: landbouw/water/voedsel.
    • Bij het gebruik van de ondergrond, zoals de winning van aardwarmte, de opslag van stoffen en de winning van drinkwater. Hier kunnen risico’s aan verbonden zijn. Waar nodig worden de Mijnbouwwet en eventueel andere wetten aangepast om mogelijke risico’s bij gebruik van de ondergrond een betere plek in het besluitvormingsproces te geven.
    • Tegengaan van methaanuitstoot in de landbouw. In samenwerking met waterschappen en betrokken boeren wordt geëxperimenteerd met flexibel peilbeheer.
    • Kaderrichtlijn Water (KRW); voor de 2027-doelen van de KRW maakt het kabinet afspraken met de decentrale overheden over de ondersteuning van het Deltaplan Agrarisch Waterbeheer.
    • Nitraatrichtlijn; regionaal maatwerk voor de aanpak van wateroverlast, waterkwaliteit en zoetwatergebruik is mogelijk om tegen minimale maatschappelijke kosten aan de eisen van de Nitraatrichtlijn te voldoen.
    • Kwaliteit lucht en oppervlaktewater; het kabinet streeft op Europees niveau naar doelvoorschriften, bijvoorbeeld ten aanzien van de kwaliteit van lucht en oppervlaktewater, om op nationaal niveau vrijheid te behouden voor de invulling van de doelen.
    • Europa; de Rijksoverheid blijft onder meer verantwoordelijk voor het realiseren van Europese doelstellingen op het terrein van lucht en water.
    • Europese richtlijnen; het kabinet voert een vergelijkend onderzoek uit naar de manier waarop EU-lidstaten de verschillende richtlijnen (NEC-richtlijn, Kaderrichtlijn Water, Vogel- en Habitatrichtlijn, etc.) hebben geïmplementeerd.
    • Watervervuiling; de hoeveelheid microplastics, medicijnresten en (andere) hormoon verstorende stoffen in het drink- en oppervlaktewater is de laatste jaren toegenomen. Het kabinet komt in overleg met relevante sectoren met een beleidsprogramma om dit op een kosteneffectieve manier terug te dringen.
    • Kust: het Rijk komt de gemaakte afspraken in het Kustpact onverkort na. De uitvoering van het Deltaprogramma wordt voortgezet. Meer dan ooit wordt daarbij de nadruk gelegd op het klimaatbestendig en waterrobuust inrichten van Nederland.
    • Waterkwaliteit: De regering stelt eenmalig 275 miljoen extra beschikbaar voor natuur en waterkwaliteit.

    Met het regeerakkoord werd besloten dat de naam van het ministerie van Infrastructuur en Milieu is veranderd in het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW). Ook werd bepaald dat de taken rond ruimtelijke ontwikkeling en klimaatmitigatie naar respectievelijk de ministeries van BZK en het ministerie van EZK overgingen. De taken voor klimaatadaptatie blijven bij het ministerie van IenW.

  • Interbestuurlijk programma

    Het Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen ondertekenden op 14 februari 2018 de start van het Interbestuurlijk programma (IBP), waarin zij afspreken om samen een aantal grote maatschappelijke opgaven aan te pakken. Het IBP vloeit voort uit het regeerakkoord van het kabinet-Rutte III en het Investeringsprogramma ‘Naar een Duurzaam Nederland’ van de gemeenten, provincies en waterschappen (maart 2017). Er zijn tien opgaven, waarvan met name de opgaven ’Samen aan de slag voor het klimaat’ en ‘Naar een vitaal platteland’ relevant zijn voor water.

    Bij de klimaatopgave staan het tegengaan van klimaatverandering, het aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering en de transitie naar een circulaire economie centraal. Bij de opgave ‘Naar een vitaal platteland’ wordt de relatie gelegd naar waterkwaliteit. In 2018 wordt het IBP verder uitgewerkt. Eén van de afspraken is om toe te werken naar een bestuursakkoord klimaatadaptatie.

  • Nationaal Waterplan

    Toelichting bij infographic Nationaal Waterplan

    De routekaart van het Nationaal Waterplan is op drie punten bijgesteld.

    De planning voor de ‘Kansrijke optimalisaties toekomst financiële structuur’ is vertraagd. Het bestuur van de Unie van Waterschappen onderzoekt de mogelijkheden voor aanpassing van de watersysteemheffing, de zuiveringsheffing en de verontreinigingsheffing. De uitkomsten van dit onderzoek worden in samenhang met de voorstellen van Duurzame en Toekomstbestendige Financiering besproken in de Stuurgroep Water, naar verwachting eind 2018.

    Het vormgeven van de Omgevingswet zit in een fase waarin de ontwerpregelgeving steeds gedetailleerder wordt. Het bewaken van de samenhang tussen de verschillende sporen vraagt een steeds intensievere inzet van de medeoverheden en andere stakeholders en van het parlement. Vanuit het belang zorgvuldig naar een regelgeving toe te werken die een kloppend, samenhangend stelsel vormt, én goed uitvoerbaar is in de praktijk, is de planning aangepast.

    Anders dan voorzien wordt het Besluit Herziening Beleidslijn Grote Rivieren medio 2018 verwacht.

    Mijlpalen Nationaal Waterplan


  • Nationale Kennis- en Innovatieprogramma Water en Klimaat

    In het Nationale Kennis- en Innovatieprogramma Water en Klimaat (NKWK) werken overheden, kennisinstellingen en bedrijven samen aan onderzoek en het opbouwen van kennis over vraagstukken rondom water en klimaat.

    Er zijn momenteel veertien onderzoekslijnen:

    1. Kustgenese

    8. Noordzee

    2. Klimaatbestendige Stad

    9. Rivieren

    3. Slim Watermanagement

    10. Toekomstbestendige Natte Kunstwerken

    4. Waterbeheer en bodemdaling

    11. Water en Energie

    5. Duurzaam beheer grote wateren

    12. Water en Voedsel

    6. Marker Wadden

    13. Waterkeringen

    7. Nationaal Water Model

    14. Lumbricus

    Het NKWK ligt op koers. De onderzoekslijnen maken elk hun eigen ontwikkeling door. Zo is binnen de onderzoekslijn Water en Voedsel veel voortgang geboekt bij het vormgeven van een kennisagenda. Bij andere onderzoekslijnen zoals Kustgenese, Nationaal Water Model en Slim Watermanagement, wordt met verschillende partners gekeken hoe kennisvragen gezamenlijk kunnen worden opgepakt. Bij de onderzoekslijn Klimaatbestendige Stad ligt de nadruk juist op het ontsluiten van bestaande kennis, zodat deze in de praktijk kan worden toegepast.

    Op 11 april 2017 werd de derde NKWK-conferentie gehouden in de Beurs van Berlage met meer dan vierhonderd deelnemers. De bijeenkomst werd samen met Amsterdam Water Science georganiseerd en stond in het teken van klimaatonderzoek en fundamenteel onderzoek. Daarbij ging het niet alleen om aandacht voor fundamenteel onderzoek op zichzelf, maar juist ook om de verbinding met praktijkgericht onderzoek.

    Een goed voorbeeld hiervan is het opzetten van een kennis- en innovatieprogramma voor de Marker Wadden. De locatie Marker Wadden fungeert als veldstation (Living Lab) voor onderzoek, waarbij alle partners welkom zijn om onderzoek te verrichten. Zo dient het als ontmoetingsplaats voor verschillende organisaties en ontstaat kruisbestuiving tussen verschillende vormen van onderzoek.

  • Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

    Op 1 januari 2021 treedt de Omgevingswet in werking. In deze wet is een integrale en samenhangende beleidsaanpak voor de fysieke leefomgeving de essentie.

    De Omgevingswet vormt de wettelijke basis van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI).

    De NOVI wordt de langetermijnvisie op de noodzakelijke en de gewenste ontwikkeling naar een duurzame fysieke leefomgeving. De inzet is dat de NOVI gereed is in 2019, vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet in 2021.

    In de NOVI wordt ingegaan op de langere termijn strategische opgaven, én op wat de ontwikkelingen betekenen voor de dagelijkse leefomgeving van mensen, hier en nu.

    Hierbij wordt een tijdhorizon tot 2050 gehanteerd. De bedoeling is dat de nationale belangen op het gebied van waterveiligheid, zoetwater, waterkwaliteit, water en omgeving, ruimtelijke adaptatie, bodem en ondergrond een plek krijgen in de NOVI, zoals de strategisch relevante delen van het Nationaal Waterplan (NWP). Voor de overige delen van het NWP en het overige waterbeleid in relatie met het omgevingsbeleid, wordt nader bezien op welke manier dit wordt ingericht. Bijvoorbeeld in programma’s onder de Omgevingswet, beleidslijnen of anderszins.

    Nationale Omgevingsvisie

    De NOVI moet een integrale aanpak van het beleid bevorderen, door oplossingen te vinden voor de gesignaleerde spanningen in de ontwikkeling van onze leefomgeving. Daartoe worden in de NOVI beleidskeuzes gemaakt. Deze keuzes komen daarna tot uiting in investeringsbeslissingen, programma’s en regelgeving. Een visie die voor een langere tijd richting geeft aan het handelen van de rijksoverheid, biedt ook andere instanties houvast bij het ontplooien van initiatieven en bij het nemen van beslissingen.

    In februari 2017 is de startnota NOVI (Deel 1 Strategische opgaven) naar de Tweede Kamer gestuurd. In de startnota is het kader voor de NOVI vastgelegd en zijn vier strategische opgaven benoemd. Met het uitbrengen van de startnota is fase 1 van het NOVI-proces afgesloten. Daarna is fase 2, de verdiepingsfase gestart. Hierin zijn de vier strategische opgaven verder uitgewerkt. Dit heeft geresulteerd in vier verdiepingsrapporten. Ook is in fase 2 geïnventariseerd welke strategische en relevante delen van sectorale nationale nota’s en visies (zoals het NWP) in elk geval moeten worden opgenomen in de NOVI, of in programma’s onder de NOVI. Fase 2 werd eind 2017 afgesloten. De resultaten van fase 2 vormen de bouwstenen voor de concept NOVI in fase 3.

  • Regionale samenwerking in de waterketen

    Gemeenten, waterschappen en drinkwaterbedrijven werken sinds 2011 samen in 49 regionale samenwerkingsverbanden. Hierin staan bevordering van de kwaliteit van de beheertaken, vermindering van de personele kwetsbaarheid en kostenbesparingen centraal. Er zijn regionale samenwerkingsplannen opgesteld en steeds meer regio’s zijn aan de slag met het opstellen van gezamenlijke investeringsprogramma’s. Ruimtelijke adaptatie aan klimaatverandering en implementatie van de Omgevingswet worden meegenomen in de visievorming en uitvoeringsprogramma’s van de regio’s.

  • Watertoets

    In het Bestuursakkoord Water (2011) is afgesproken dat het Rijk, de waterschappen, provincies en gemeenten bij alle relevante ruimtelijke plannen (zoals bestemmingsplannen en structuurvisies) een watertoetsproces doorlopen.

    Het watertoetsproces is juridisch vastgelegd in de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening. Het is verplicht bij (ontheffingen voor) bestemmingsplannen, inpassingsplannen, projectbesluiten en buiten toepassing verklaren van een beheersverordening. Kern van dit proces is dat initiatiefnemers en waterbeheerders zo vroeg mogelijk met elkaar in gesprek komen. Het proces wordt afgesloten met een wateradvies van de waterbeheerders. De initiatiefnemers reflecteren daar vervolgens op in een waterparagraaf in het betreffende plan.

    In de afgelopen jaren is onderzoek uitgevoerd naar de praktijk van de watertoets. In figuur 1 worden de resultaten over 2016 weergegeven. Hieruit valt op hoofdlijnen het volgende af te leiden:

    • Met in totaal 7.796 wateradviezen (waarvan 5.285 voor bestemmingsplannen) is sprake van een duidelijke stijging van het aantal wateradviezen (7.487 in 2015).
    • Waterschappen zijn het meest tevreden over het watertoetsproces (met name de betrokkenheid en samenwerking) bij ruimtelijke plannen die wettelijk zijn verankerd, zoals bestemmings- en inpassingsplannen. Hierbij is er echter wel sprake van een dalende lijn. In 2015 vond nog 91 procent van de waterschappen dat ze voldoende betrokken werden bij bestemmingsplannen. In 2016 daalde dit percentage tot 64 procent. Mogelijk heeft dit te maken met de afname van een tijdige betrokkenheid van waterschappen bij het opstellen van bestemmingsplannen.
    • Bij ruimtelijke visies (waar geen wettelijke overlegverplichting geldt) worden waterschappen steeds minder vaak tijdens de voorbereiding betrokken. Zo vindt 25 procent van de waterschappen dat ze voldoende bij gemeentelijke structuurvisies worden betrokken. In 2015 was dit nog 62 procent.
    • Van de waterschappen vindt in 2016 68 procent dat de wateradviezen voldoende worden meegenomen, in 2015 was dit 75 procent. Waterschappen krijgen onvoldoende inzicht in de mate waarin het advies ook werkelijk zijn beslag krijgt in de uitvoering. Ook hier is sprake van een dalend percentage: van 28 procent in 2015 naar 16 procent in 2016.

    Resultaten watertoetsproces 2016

    Figuur 1: Resultaten watertoetsproces 2016


  • Waterschappen

    Rond 1950 waren er zo'n 2.600 waterschappen in ons land. Nu zijn dat er nog 21. Per 1 januari 2017 fuseerden de Limburgse waterschappen Peel en Maasvallei en Roer en Overmaas tot het Waterschap Limburg. Hiermee ontstond één provinciebreed waterschap en kwam er één belastingtariefstelsel voor heel Limburg.

    De waterschappen in beeld

    Waterschappen 2018

  • Commissie aanpassing belastingstelsel waterschappen (CAB)

    Waterschappen heffen momenteel drie soorten belastingen om hun taken uit te kunnen voeren: de watersysteemheffing, de zuiveringsheffing en de verontreinigingsheffing. Zij gebruiken de opbrengst van de watersysteemheffing om de kosten van waterveiligheid, wateroverlast en voldoende en schoon water te dekken. Met de opbrengst van de zuiveringsheffing dekken de waterschappen de kosten van het zuiveren van afvalwater. Verontreinigingsheffing wordt in rekening gebracht voor lozingen van afvalwater die rechtstreeks plaatsvinden op oppervlaktewater dat door de waterschappen wordt beheerd.

    In het rapport ‘Water governance in The Netherlands; Fit for the future?’ van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (2014) wordt geconcludeerd dat er wat betreft de financiering van het waterbeheer in ons land een aantal uitdagingen voor de toekomst zijn waar we aandacht aan moeten besteden. Dit was één van de aanleidingen voor het bestuur van de Unie van Waterschappen (UvW) om de Commissie Aanpassing Belastingstelsel (CAB) in te stellen. De CAB heeft onderzoek gedaan naar de toekomstbestendigheid van het belastingstelsel van de waterschappen op de middellange termijn en op basis daarvan voorstellen ontwikkeld. Op 21 december 2017 publiceerde de CAB het concept-eindrapport Waterschapsbelastingen klaar voor de toekomst. De CAB biedt haar definitieve voorstellen medio 2018 aan het bestuur van de UvW aan. Na besluitvorming binnen de UvW worden de voorstellen aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat aangeboden.

  • Wet Natuurbeheer

    Plassen, meren, beken, kanalen en sloten hebben voortdurend onderhoud nodig om de waterhuishouding en daarmee de veiligheid te waarborgen. Waterschappen maaien oevers en taluds van beken, sloten en kanalen en houden deze op diepte met baggerprogramma’s.

    De natuur is gebaat bij dit onderhoud, maar kan er ook schade van ondervinden. De waterschappen werken daarom met een gedragscode. Het onderhoud aan de wateren moet voldoen aan de voorwaarden die sinds 1 januari 2017 in de Wet Natuurbeheer (voorheen de Flora en Faunawet) zijn verankerd. In 2017 werd de bestaande gedragscode herzien en aan de nieuwe wet aangepast. De code wordt na goedkeuring door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit eind 2018 formeel van kracht.

  • Waterbewustzijn en educatie

    De Stuurgroep Watereducatie stelde in 2017 het advies ‘Leer ons Water kennen’ op, met handreikingen voor de watersector om aan te sluiten bij de trends in het onderwijs en de vraag van leerlingen en docenten. De stuurgroep heeft de netwerken met docenten aardrijkskunde verder uitgebouwd. Door samenwerking met de vakvereniging voor biologie (NIBI) en docentenopleidingen in het basisonderwijs maakt de stuurgroep water meer relevant voor docenten.

    Educatie is een onderdeel van het programma Ons Water. Met dit programma worden Nederlanders – onder meer met een website en gerichte publiekscommunicatie – bewust gemaakt van het feit dat schoon, veilig en voldoende water niet vanzelfsprekend is. Ook participeert de Stuurgroep Watereducatie in het netwerk DuurzaamDoor, waarin met de programma’s ‘Leren voor Morgen’ en ‘het Groene Brein’ onderwijs over duurzaamheid wordt ontwikkeld.

    Het jaarlijkse evenement de Battle of the Beach vond in 2017 plaats op drie locaties: Noordwijkerhout, Vlissingen en Petten. Kinderen van verschillende basisscholen uit de groepen 5, 6 en 7 gaan in deze competitie de strijd aan tegen de opkomende vloed om het waterbewustzijn in Nederland te vergroten. Er worden daarbij prijzen uitgereikt voor het allersterkste zandkasteel, het meest creatieve zandkasteel en de beste samenwerking.

    Battle of the BeachDeelnemers Battle of the Beach

Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Unie van Waterschappen, VNG, IPO en Vewin.

Over De Staat van Ons Water

Elk jaar wordt aan de Tweede Kamer gerapporteerd hoe het staat met de uitvoering van het waterbeleid in Nederland. Dat gebeurt middels de Staat van Ons Water. De rapportage vermeldt de ontwikkelingen in het voorgaande jaar en wordt jaarlijks in mei geactualiseerd. De getoonde gegevens gaan daarom grotendeels over 2017.

Op staatvanonswater.nl vind je algemene informatie over aansprekende onderwerpen zoals de beschikbaarheid van schoon water, hoe ons land beschermd wordt tegen overstromingen en hoe de Nederlandse expertise op watergebied wereldwijd wordt ingezet. Wat het waterbeheer zoal kost en wat en waarvoor je precies betaalt wordt ook uit de doeken gedaan.

Het beleid waarover wordt gerapporteerd is vastgelegd in het Nationaal Waterplan 2016-2021, het Bestuursakkoord Water 2011 en de Beleidsnota Drinkwater. In de Staat van Ons Water wordt eveneens verslag gedaan over de uitvoering van de Europese richtlijnen over waterkwaliteit, overstromingsrisico’s en de mariene strategie voor de Noordzee.  

De vele links op de site helpen je om makkelijk te kunnen doorklikken naar verdere achtergrondinformatie.

Over Ons Water

Wij willen Nederlanders bewuster maken van water. Door te laten zien wat er aan watermanagement gebeurt in Nederland en bij jou in de buurt. Door te laten zien wat er nodig is voor de toekomst, want we zijn nooit klaar met ons water. En door tips te geven wat je zelf kunt doen. 

Kijk op onswater.nl. Daar kun je op jouw postcode informatie en verhalen vinden.

Vragen of opmerkingen?

Voor vragen, opmerkingen en/of suggesties over staatvanonswater.nl kun je mailen naar: info@staatvanonswater.nl